Onrust

Ik besef me ineens dat ik sinds april niet meer dan 10 dagen aaneengesloten thuis ben geweest. En bij ‘van huis zijn’ bedoel ik niet ‘een dagje weg’, nee, ik ben steeds minimaal een week van huis. Tussen vakantie, festivals en een langeafstandsrelatie, blijft er weinig tijd over voor ‘thuis zijn’, of zelfs maar ‘aankomen’.

Nu wil ik niet al te klagerig overkomen. Ik heb bijzonder veel leuke dingen meegemaakt deze zomer. Maar nu ben ik moe. De onrust die erbij komt kijken wanneer je direct na thuiskomst je volgende treinkaartjes boekt (haha, grapje, die waren al ruim een maand geleden gepland en geboekt), je kleding wast, tot de conclusie komt dat je je koffer net zo goed in de hoek kan laten staan… het gevoel van ‘thuis’ is er niet eens meer. Waar is thuis? Wat is thuis?

Morgen ga ik weer naar het appartement waar ik huur voor betaal. Eens kijken of ik daar mijn thuis terugvinden kan. Gezien ik begin oktober naar Nederland ‘moet’ voor een tournee langs vrienden en familie, en vriendlief eind september op zakenreis gaat, begint het nu al te knagen dat we eigenlijk medio september nog wat tijd samen moeten inplannen. En juist dat voortdurende ‘plannen’, zorgt ervoor dat ik nooit eens ergens ‘ben’.

Dat moet anders. Ik wil toch proberen eens tot aan mijn Nederland-reis thuis te blijven. Ik verlang ernaar niks te plannen, en tegelijkertijd word ik nu al nerveus bij die gedachte. Ik ben benieuwd wat er gebeurt wanneer ik niets plan – of wat er niet gebeurt natuurlijk… 🙂

 

Ontrommelen met babystapjes

Ik heb een prachtige bar tussen mijn keuken en woonkamer. Vanaf de eerste keer dat ik hier binnen kwam lopen, was het direct mijn favoriete onderdeel van de woning.

Maar op de bar staat nu een mand. Daar doe ik ontvangen post en overige papieren in waarmee ik iets moet doen. Dit is misschien wel het minst favoriete ding dat ik in huis heb. Ik voel schaamte als ik ernaar kijk. Het voelt als een belichaming van al mijn angsten. Het is geen luiheid dat me ervan weerhoudt de inhoud te verwerken. Ik weet donders goed dat er 3 herinneringen van de tandarts in zitten om een afspraak te maken; daar heb ik de brieven niet eens voor nodig. Maar die confrontatie ga ik liever uit de weg.

Vorige week ben ik begonnen aan een online cursus decluttering, ontrommelen, dat moet me een jaar lang bezig houden. Iedere dag een kleine les over onze relatie met rommel, zowel innerlijke als fysieke chaos. De theorie is dat je moet beginnen met iedere dag een minuut lang mindful je rommel aan te pakken. Je wordt je bewust van de emoties die de confrontatie oproept, en stelt jezelf gerust dat dat oké is. Voor een minuut, of zelfs een paar minuten, lukt dat goed. Binnen die minuut kan ik best een aantal rommeltjes oppakken en op de juiste plek opbergen of wegdoen. Zonder over mijn grenzen te gaan, waardoor het goed en veilig blijft voelen, wat weer motiveert om het de volgende dag nog eens te herhalen. Vorige week lag er namelijk nog een stapel papier onder en naast de mand. Het dreigde mijn hele bar op te slokken waardoor ik daar ook niet meer prettig aan kon zitten met mijn ontbijtje.

Ik weet dat de grootste confrontaties nog gaan komen (Belastingpapieren! Waarom regel ik nog niks voor mijn pensioen?! Ik zal in totale armoede oud en krakkemikkig op straat komen!). Maar vooralsnog geniet ik ervan naar de al vrijgekomen ruimte te kijken. En die ruimte al in mijn hoofd te ervaren. Zo verzamel ik langzaam moed om dieper in de mand te duiken. Dag voor dag, blad voor blad.